Categorieën
voorbeelden

Iedereen Adam en Eva! Hoe storytelling de Van Eyck-campagne nog sterker maakte

Wat een mooie campagne voor het Van Eyck-jaar! Gewone mensen die elkaar hun liefde betuigen en zo het Lam Gods tot leven brengen. Storytelling ten voeten uit.

Hoe breng je een bijna zes eeuwen oud schilderij met een uitgesproken christelijke boodschap heel dichtbij, zo dichtbij dat het intiem wordt?

Van Eyck-jaar

Door twee personages te vervangen door echte mensen, gewone mensen, mensen die elkaar hun liefde betuigen, op een zeer kwetsbare manier, wat ze op het eind nog eens onderstrepen door uit de kleren te gaan, net zoals de personages die ze vervangen: Adam en Eva.

Toerisme Vlaanderen maakte er een opmerkelijk filmpje mee als start van de internationale campagne voor het Van Eyck-jaar in 2020.

Het filmpje maakt op een heel inventieve manier gebruik van storytelling-elementen. We zagen er minstens vijf.

1. Echte mensen brengen Van Eyck tot leven

Het filmpje vervangt de christelijke personages, Adam en Eva, door echte mensen, echte koppels, waar het publiek zich kan mee identificeren. Zij zijn de helden van al die korte verhalen.

De vervanging is extra geloofwaardig omdat de koppels over hun liefde voor elkaar vertellen (het enige verhaal dat er echt toe doet, zou Julian Barnes zeggen) en op het eind zelfs Adam en Eva vervangen in de zijpanelen van het Lam Gods.

Om de identificatie compleet te maken: op de website van de campagne kan iedereen een foto van zichzelf en een geliefde in twee Lam Gods-panelen laten monteren. Visueel iets minder geslaagd. Maar de boodschap blijft overeind: iedereen beroemd, iedereen Adam en Eva!

2. Onze blik is het eerste obstakel

Zonder obstakels geen verhaal. Moeten de koppels een obstakel overwinnen? Zeer zeker. Ze moeten elkaar hun liefde betuigen voor onze ogen, voor de ogen van de hele wereld zelfs. Ze moeten zich bloot geven, letterlijk en figuurlijk.

Dat die naaktheid niet evident is, wordt extra in de verf gezet wanneer de voice over de link legt met de geschiedenis van het Lam Gods. De naakte panelen werden indertijd gecensureerd: ze werden weggeborgen en vervangen door een geklede Adam en Eva.

Van Eyck: Adam en Eva.

3. Ook de samenleving vormt een obstakel

Toerisme Vlaanderen koos ook voor minder evidente koppels, koppels waar een deel van de samenleving niet zo makkelijk voor openstaat. Enkele holebikoppels bijvoorbeeld, en twee jonge mensen met een beperking.

Die censurerende blik van de samenleving vormt een bijkomend obstakel. Het maakt de inspanning van onze helden om zich bloot te geven nog meer bijzonder.

4. Spanningsboog

Op het einde gaan de koppels uit de kleren en dat wordt al in de eerste seconden gesuggereerd.

Op die manier wordt een spanningsboog gecreëerd. De kijker leeft toe naar de onthulling. Niet als een voyeur, maar meelevend met de hoofdpersonen.

5. Het Lam Gods is niet de held

Het draait hier allemaal om het Lam Gods natuurlijk, Toerisme Vlaanderen wil er per slot van rekening zoveel mogelijk mensen mee naar het Van Eyck-jaar in te krijgen.

Maar het filmpje trapt niet in een van de klassieke valkuilen van storytelling. Niet het Lam Gods daalt hier ineens uit de hemel neer als de held van het verhaal, nee, de koppels blijven de helden, tot de laatste second. Zij zijn het die de obstakels overwinnen, zij zijn het die zich uiteindelijk bloot geven. Het Lam Gods helpt hen daar alleen bij, dat onuitputtelijke, levenskrachtige werk dat, zoals de commentator zegt, "het vermogen heeft onze geest te openen".

Wil je zelf aan de slag gaan met storytelling? Verhalenmakers maakt niet alleen verhalen, we helpen je ook verhalen maken, onder meer via opleidingen storytelling.

Categorieën
Verhalenmakers

Immersieve storytelling brengt Vlaams erfgoed tot leven

Met een bril op je hoofd in een schilderij rondlopen: het kan tegenwoordig. Immersieve storytelling heet dat. De Vlaamse erfgoedorganisaties willen de lat nu een stuk hoger leggen, samen met Howest en Verhalenmakers.

Immersieve storytelling: Mona Lisa.

Wat is immersieve storytelling?

Immersieve storytelling (immersive storytelling) staat voor allerlei digitale technologieën waarmee je iemand helemaal in een verhaal kunt onderdompelen. Met een VR-bril (virtual reality) op je hoofd bijvoorbeeld, waarmee je door het Mona Lisa-schilderij in het Louvre stapt. Of met het scherm van je smartphone, die een laag toevoegt aan het monument dat zich voor je bevindt (augmented reality).

Het is nog niet helemaal duidelijk hoe je met die technologie goede verhalen vertelt in de erfgoed- en toerismesector. Hoe verdiep je die beleving op een waardevolle manier? Howest gaat dat nu uitklaren via een tweejarig onderzoeksproject: Scan4Stories. Het kreeg daarvoor Europese steun.

Immersieve storytelling: Scan4Stories.

Samen met Vlaamse erfgoedorganisaties als het In Flanders Fields-museum en Musea Brugge gaat de hogeschool een model ontwikkelen waarmee Vlaamse erfgoed- en toerismeorganisaties op een goede manier aan immersieve storytelling kunnen doen.

Daarbij gaat ze ook best en worst practices in kaart brengen.

Verhalenmakers als partner

Verhalenmakers is de storytelling-partner in dit verhaal. We investeren niet alleen mee in het onderzoek, we gaan het project ook mee begeleiden.

Binnen Howest nemen de opleidingen Toerisme en Recreatiemanagement en Digital Arts & Entertainment (DAE) het voortouw. DAE heeft een stevige reputatie op het vlak van games. De toerisme-opleiding focust zich heel erg op digitale innovatie en storytelling.

Immersieve storytelling: Scan4Stories.

Ken je geslaagde of minder geslaagde voorbeelden van immersieve storytelling in de erfgoedwereld? Bezorg ze ons via rudy@verhalenmakers.be. We nemen ze mee naar het Scan4Stories-onderzoek.

Categorieën
voorbeelden

Musea omarmen storytelling: het verhaal van Joseph

Precies honderd jaar geleden schilderde Théodore Géricault zijn beroemde Vlot van de Medusa. Nu pas weten we wie de zwarte man is die daar zo heftig om hulp zwaait. Een mooi voorbeeld van hoe musea steeds nadrukkelijker storytelling omarmen.

Musea en storytelling: Olympia van Manet.
Olympia van Manet.

Musea zitten op bergen verhalen, misschien nog meer dan andere organisaties. Je hebt de verhalen over wie de objecten heeft gemaakt die in het museum te zien zijn. Over wie het museum zelf gemaakt heeft ook, en over de makers van zijn tentoonstellingen – geknipt materiaal voor achter-de-schermenverhalen.

Je het verhaal dat als een rode draad door een tentoonstelling loopt natuurlijk. Uitgekiende storytelling kan het verband tussen de meest uiteenlopende objecten blootleggen.

Musea tonen mensen

En dan heb je een bijzondere categorie: de verhalen van mensen die zijn afgebeeld in het museum, op foto's en video's, in beeldhouwwerken en op schilderijen.

De jongste tijd zie ik steeds vaker tentoonstellingen met die insteek. Wie zijn de mensen op het schilderij? Hoe komen ze daar terecht? Wat is hun band met de kunstenaar?

Om van een kunstwerk te genieten hoef je het misschien niet allemaal te weten. Maar het zijn vaak verhalen die de moeite waard zijn om te vertellen. Zeker als het om mensen gaat wier verhalen te lang verzwegen zijn.

Het zwarte model

Laatst was ik in het Musée d'Orsay voor Le modèle noir de Géricault à Matisse, een baanbrekende tentoonstelling over vergeten zwarte mensen die in wereldberoemde kunstwerken te zien zijn – en niet zomaar als figurant te zien zijn maar prominent.

Denk aan de vrouw die bij het bed van de naakte Olympia (1863) van Manet staat. Ze heette Laure, vertelt de tentoonstelling. Weinig is over haar bekend, zelfs haar achternaam niet. Maar alles wat wel te achterhalen viel, bracht het museum samen in een verhaal, samen met andere schilderijen waarop Laure te zien is.

Ze blijkt een verpleegster geweest te zijn die bijkluste als model. Rijk is ze niet geworden van haar centrale rol in Olympia. Uit rekeningen blijkt dat ze in een armoedig flatje in het elfde arrondissement van Parijs woonde.

Musea en storytelling: Het vlot van de Medusa van Géricault.
Het vlot van de Medusa van Géricault.

Het Vlot van de Medusa

Van een ander zwart model, Joseph, viel iets meer te weten te komen. Hij is eveneens prominent te zien op een icoon van de Franse schilderkunst: Het vlot van de Medusa (1818-19) van Théodore Géricault.

Hij is de man die, hoog boven de anderen uittorenend, met een doek om hulp zwaait. Zijn krachtige bewegingen en donkere huidskleur contrasteren sterk met de andere, lijkbleke schipbreukelingen, die meer dood dan levend zijn.

Van acrobaat tot model

Joseph werd rond 1793 geboren in Haïti, toen nog de Franse kolonie Saint-Domingue. Hij arriveerde rond zijn tiende in Marseille, ging als acrobaat in Parijs werken en werd daar door Géricault ontdekt, die hem als model inzette.

Ook andere schilders vereeuwigden Joseph, onder meer Ingres. Hij was zelfs een tijdje een van de vaste modellen van de Parijse kunstacademie. En hij werd daar beter voor betaald dan Laure.

Musea en storytelling: Joseph, in een schets van Géricault.
Joseph, in een schets van Géricault.

Impact van storytelling

Géricault zelf legde Joseph meermaals vast op doek. Ook de schetsen kregen een plaats in de tentoonstelling. Een terechte keuze. Met elk feitje, elk beeld dat wordt teruggehaald, krijgt het verhaal van Joseph meer vorm en wordt de anonieme figuur een mens van vlees en bloed – dat is wat storytelling op de eerste plaats doet.

De impact van de tentoonstelling was dan ook groot. De critici waren enthousiast. "Eindelijk staat die andere vrouw op Manets schilderij Olympia centraal", kopte De Morgen. Sommige kunstwerken kregen dankzij Le modèle noir zelfs een andere naam.

En wij, kijken we nu anders naar Olympia en Het Vlot? Ja. Een kunstwerk is niet alleen een object dat we mooi of lelijk vinden. Het is ook een kruispunt van verhalen. En verhalen bepalen hoe we kijken naar de wereld. Aan de musea om zoveel mogelijk van die verhalen en van de mensen die er een rol in spelen van de vergetelheid te redden en aan hun publiek te tonen. Als het om mensen gaat wier verhaal al te lang verzwegen werd, is dat zelfs een plicht.

Musea en storytelling: Joseph, in een andere schets van Géricault.
Joseph, in een andere schets van Géricault.

Wil je zelf aan de slag gaan met storytelling? Verhalenmakers maakt niet alleen verhalen, we helpen je ook verhalen maken, onder meer via opleidingen storytelling.

Categorieën
voorbeelden

Wat de Brusselse dino’s ons over storytelling leren

Ineens, zonder dat ik het gepland had, stond ik tussen de dinosaurussen. En in dat prachtige Museum voor Natuurwetenschappen besefte ik andermaal: geen verhaal zonder tijdlijn. En vooral: geen tijdlijn zonder verandering.

Geen storytelling zonder verandering: Arkhane.
Arkhane, de nieuwe gast.

Ik wilde vorige week eigenlijk alleen maar even naar Brussel voor een lunch – met Helga Basteleurs en Kurt Jacobs van de Gezinsbond, twee keien van communicatiemensen, met het hart op de juiste plaats, collega's die ik al veel te lang niet meer had gezien.

Het plan was: na de lunch met de metro terug naar Brussel-Zuid, meteen weer op de trein naar Gent. Maar toen bedacht ik ineens dat ik me vlak bij het Museum voor Natuurwetenschappen bevond. En dat ze daar sinds kort een nieuwe gast hebben, Arkhane, een 150 miljoen jaar oude allosauriër. Die wilde ik wel even gaan begroeten.

Galerij van de Evolutie

Veel tijd had ik niet, maar een half uur, dat kon er wel af. Voor ik het wist, waren er twee uur voorbij.

Het museum heeft – heel slim – Arkhane halfweg de Galerij van de Evolutie opgesteld. Die enorme zaal heb ik altijd wat verwaarloosd, telkens opnieuw blijf ik bij die betoverende iguanodons van Bernissart in de centrale zaal hangen. Maar nu moest ik er wel heen, voor de nieuwe gast.

Geen storytelling zonder verandering: Galerij van de Evolutie.
De Galerij van de Evolutie.

De Galerij van de Evolutie vertelt het verhaal van het leven op aarde, van het prilste begin, honderden miljoenen jaren geleden, tot vandaag, van de eerste bacteriën, over de dinosaurussen, tot de dieren waar de mens zelf zijn stempel heeft op gedrukt. Het is één stoet van skeletten, fossielen en vreemdsoortige afbeeldingen.

Termen als Cambrium, Devoon, Carboon, Jura en Eoceen vliegen je om de oren. Welbeschouwd een ver-van-mijn-bed-show, tenzij je een geoloog of iets van die strekking bent. 99 procent van het verhaal speelt zich honderdduizenden, miljoenen jaren voor de komst van de eerste mensachtige af. En toch zit je meteen in het verhaal. Dankzij de tijdlijn.

Tijdlijn

Al in het gangetje dat je naar de Galerij van de Evolutie leidt, lees je waar je bent. -3800 miljoen jaar staat er, in koeien van letters. Daar begint het dus. Zelfs al kunnen we ons die 3,8 miljard jaar niet voorstellen, het voelt vertrouwd. Omdat je in het begin van elk verhaal een tijdsaanduiding verwacht. (Er was eens, heel lang geleden … )

En omdat je weet dat je verderop in het verhaal een nieuwe tijdsaanduiding mag verwachten, een nieuw blaadje op de scheurkalender dat de held wat verder op de tijdlijn doet belanden.

Ook hier is dat het geval. Om de twintig passen krijg ik een nieuw jaartal voor de voeten. Bij –542 miljoen jaar kom ik het Cambrium binnen, bij -200 miljoen jaar het Jura, bij -10.000 jaar zowaar al het heden. De held van dit verhaal is geen mens natuurlijk, die krijgt op het eind even een figurantenrol, in deze galerij is het leven zelf de hoofdpersoon.

Geen storytelling zonder verandering: Galerij van de Evolutie.
Het begin van de Galerij van de Evolutie.

Verandering

Maar een tijdlijn op zich volstaat niet. Hij werkt alleen maar als er bij elke tijdsaanduiding iets verandert.

Verandering is een van de basisingrediënten van storytelling. Op het einde van elk verhaal moet de held veranderd zijn. Het is de voortdurende verandering onderweg naar dat eindpunt die ervoor zorgt dat je publiek je verhaal blijft volgen. Anders stapel tijdstippen op en valt je publiek in slaap.

Dat heeft dit museum zeer goed begrepen – met een naam als de Galerij van de Evolutie heeft deze zaal natuurlijk een reputatie te verdedigen. Bij elk jaartal krijg je te lezen wat er op dat moment verandert. "542 miljoen jaar geleden ontwikkelden de geleedpotigen voor het eerst ogen", lezen we ergens in het begin. Halfweg, vlak bij Arkhane, staat: "252 miljoen jaar geleden verdwenen plotseling 95 procent van de soorten."

Geen storytelling zonder verandering: Galerij van de Evolutie.
Een van de videoschermen met bewegende tijdlijn.

Die nadruk op verandering wordt nog duidelijker op de videoschermen. Die laten voor elke periode, zelfs voor de komende 50 miljoen jaar, zien hoe de hele planeet er toen uitzag, of straks zal uitzien.

En vooral: je ziet het veranderen terwijl je erop staat te kijken. Terwijl bovenaan de tijdbalk naar rechts schuift, miljoenen jaren tegelijk in minder dan een minuut, zie je de continenten van elkaar wegdrijven en merk je hoe wisselende temperaturen het aardoppervlak van kleur doen veranderen.

Pageturner

Het verhaal van de evolutie speelt zich hier voor je ogen af. Het mag zich dan allemaal onwezenlijk ver mijn bed afspelen, je beleeft deze galerij als een pageturner.

Arkhane en co hebben mij vandaag opnieuw doen beseffen: een verhaal werkt alleen maar als je het publiek een tijdlijn als houvast geeft – en die tijdlijn werkt alleen maar als elke tijdsaanduiding voor verandering staat.

Wil je zelf aan de slag gaan met storytelling? Verhalenmakers maakt niet alleen verhalen, we helpen je ook verhalen maken, onder meer via opleidingen storytelling.

Categorieën
internet

Musea stellen steeds meer online tentoon

Het internet is meer dan een promotiekanaal voor wat je offline aanbiedt. Dat geldt ook voor musea en andere cultuurorganisaties. In ons land dringt dat steeds beter door.

Het viel op tijdens de halfjaarlijkse bijeenkomst van de collegagroep digitale bemiddeling, die deze week in het Antwerpse Fotomuseum samenkwam: steeds meer Vlaamse musea zien het internet als een volwaardige plek om projecten te ontwikkelen, projecten die een aanvulling kunnen zijn op wat ze tussen de bakstenen muren doen.

Red Star Line Museum

Instragram Home Sweet HomeEen van de demonstraties kwam van het Red Star Line Museum. Die ging bij de tentoonstelling Home Sweet Home aan de slag met Instagram.

Home Sweet Home draaide rond 50 jaar migratie uit Turkije en Marokko. Het museum vroeg mensen deze zomer hun eigen reisverslag te doen via foto’s op Instagram. Door die allemaal de hashtag #RSLreis te geven zijn al die foto’s – het zijn er meer dan 1300! – nu als één onlinetentoonstelling te zien.

Bozar

Bozar deed iets gelijkaardigs met de fotowedstrijd #SummerOfGender, met foto’s uit het dagelijkse leven die genderstereotypen doorbreken.

Dat Bozar de bijdrage van het publiek serieus nam, blijkt ook uit het feit dat de winnende foto’s in de Hortahal werden tentoongesteld.

Gratis tools

Er komen ook steeds meer interessante gratis tools om online tentoon te stellen. Google heeft Open Gallery. Daarmee kun je heel makkelijk een visueel sterke onlinetentoonstelling maken.

Bij ons maakt daar voorlopig alleen het Stripmuseum gebruik van maar Bram Wierckx van Faro meldde dat ook andere musea en erfgoedinstellingen er mee aan de slag willen gaan.

Movio

Movio, het resultaat van het Europese AthenaPlus-project, is eveneens een kit voor virtuele tentoonstellingen. Het biedt nog meer mogelijkheden dan Open Gallery. Zo is de lay-out aanpasbaar en zijn er meerdere lagen mogelijk.

Mooie ontwikkelingen allemaal. Hopelijk zetten de musea de bezoekcijfers van die onlinetentoonstellingen nu ook in hun jaarverslag. En hopelijk telt de subsidiërende overheid die dan ook mee als volwaardige bezoekers.

Packed, een van de Belgische partners in AthenaPlus, geeft op 2 december een training over Movio. Hier vind je meer info.

Categorieën
inspiratiedag

Is marketing vloek of zegen voor erfgoed?

Schermafbeelding 2014-01-28 om 10.44.29Is marketing een vloek of zegen voor cultureel erfgoed? Staat het gelijk met uitverkoop en nivellering?

Faro, het Vlaamse steunpunt voor cultureel erfgoed, vindt van niet. Maar de voorbeelden van Vlaamse erfgoedorganisaties die successen boeken met marketing zijn schaars.

Faro maakte een daarom een inspiratiegids, Vloek of zegen? Marketing in de erfgoedsector. Die zal gratis en online te verkrijgen zijn.

Bij de lancering op 24 februari haalt Faro twee buitenlandse kleppers naar hier, Sarah Armond en Marjolijn Meynen, de marketingmanagers van respectievelijk V&A (Londen) en het Rijksmuseum (Amsterdam).

Inschrijven kan tot 17 februari op de website van Faro.

Categorieën
tips

Museum betaalt zijn jonge fans

cover

Hoe zet je als museum of erfgoedorganisatie een jongerenwerking op? De organisatie AmuseeVous heeft zopas een publicatie online gezet met enkele interessante tips & tricks.

Je leest er onder meer dat je de jongeren serieus moet nemen en hen een zekere mate van verantwoordelijkheid moet geven. En dat je hele organisatie erachter moet staan, anders is de jongerenwerking gedoemd te mislukken.

Een paar mooie voorbeelden ook. De Blikopeners bijvoorbeeld, de jongerenwerking van het Stedelijk Museum in Amsterdam. Daar beschouwen ze lidmaatschap als een echte bijbaan, dus betalen ze die jongeren gewoon. “Dat zorgt er tevens voor dat De Blikopeners gemakkelijker jongeren uit verschillende milieus aanspreken”, schrijft AmuseeVous.

In Antwerpen zie je iets gelijkaardigs: daar krijgen de jongeren van het KMSKA (Jongbloed!) en het Diamantmuseum een vrijwilligersvergoeding.

Kennen jullie andere inspirerende voorbeelden van een jongerenwerking, in cultuur of andere sectoren?