Categorieën
strategie

Hoe word je een dinobuster?

  • Hoe lang duurt het lezen van dit bericht? 3 minuten
  • Wat onthouden we? De overheid van de toekomst stelt haar publiek centraal.

“De overheid van de toekomst luistert naar zijn klanten en stelt ze centraal in zijn universum.” Straffe taal, zeker als die van ambtenaren zelf komt. Dinobusters Nancy De Vogelaere, Joke Renneboog en Elke Wambacq geloven zo in hun strijd tegen de verstarde mentaliteit bij de overheid dat ze bij Lannoo een boek publiceerden. In een gastblog zetten ze trots hun visie uiteen, een visie die inspireert. 
DINO TRIO 1Robert Green en Joost Elffers beschreven in hun boek De 48 wetten van de macht (Amsterdam, Meulenhoff Kritak, 1998, 507p) hoe je macht kan verwerven en behouden. Kortom, eigenlijk beschrijven ze hoe je een dino kan worden.

Wij gebruiken het woord “dino” als metafoor voor het “onaangepaste” en datgene wat niet mee is. Het onaangepaste kan betrekking hebben op zowel de houding van mensen als op sommige processen en structuren die het succes van de soort verhinderen. Dino-gedrag is daarom ook niet gebonden aan een leeftijd, maar eerder aan een mentaliteit en een context.

Een dino worden is dus eigenlijk niet zo eenvoudig. 48 wetten onder de knie krijgen, het vergt een serieuze inspanning (al vinden wij, naar onze bescheiden mening, dat sommigen daar met een aangeboren elegantie wonderbaarlijk vlot mee omgaan – maar dat geheel terzijde).

De klanten centraal

Tegenover die onaangepaste situaties, stellen wij een alternatief voor. De overheid van de toekomst luistert immers naar zijn klanten en stelt ze centraal in zijn universum. Niet het voortbestaan van de eigen organisatie maar de dienstverlening op maat van de klant is de échte reden van bestaan. Om de evolutie te kunnen maken, moeten organisaties een metamorfose ondergaan, die uitgaat van enkele kerngedachten: openheid, authenticiteit, vertrouwen en iedereen ambassadeur.

De beste “verkopers” van je eigen dienstverlening zijn immers de trotse, enthousiaste ambtenaren die dagdagelijks het gezicht, de smoel, vormen van jouw overheidsdienstverlening. We geven die ambtenaren de klinkende naam “dinobuster” (naar analogie van de “ghostbusters”, die in onze jonge jaren de geesten gingen verjagen). Iedereen kan dinobuster worden. De weg ernaartoe, is immers heel eenvoudig.

Ik praat met mijn klanten

Aangezien wij voor administratieve vereenvoudiging zijn, heb je immers maar een handvol principes die je in je achterhoofd moet houden. Wij goten ze in “de tien wetten van de dinobusters” – waarbij je het woord “wet” met een knipoog mag opvatten uiteraard. En net zoals de context de dino kan maken, zijn wij ervan overtuigd dat we zelf de context kunnen creëren voor het aanpakken van die dino-situaties. Hier komen ze:

  1. Ik ben er fier op ambtenaar te zijn en breng positief nieuws naar buiten.voorflap boek
  2. Ik heb het lef zelf te doen en te denken, om te zien en te zeggen.
  3. Overal waar mogelijk zal ik mededinobusters, optimaal ondersteunen en durven verdedigen.
  4. Ik werk continu aan mijn eigen inzetbaarheid door altijd open te staan voor intuïtie, nieuwe (leer)ervaringen en ideeën.
  5. Ik zal altijd en overal een authentieke ambassadeur zijn voor mijn overheid.
  6. Ik doe mijn uiterste best om de publieke dienstverlening zo goed mogelijk te leren kennen.
  7. Ik praat met mijn klanten, in plaats van over mijn klanten.
  8. Ik beloof beslissingslijnen en procedures zo kort mogelijk te houden en ze, waar nodig, in vraag te stellen.
  9. Ik zoek diversiteit op en (h)erken talent van alle rang of stand.
  10. Ik durf buiten de huidige structuren te doenken en te ziegen en heb geen schrik voor innovatie en verandering.

Uiteindelijk draait het niet om ons als auteurs, maar om het op gang brengen en houden van een positieve beweging van trotse ambtenaren. Samen kunnen we bewijzen dat het ook anders kan. Een nieuwe overheid maak je immers samen. Ready to join us?

Nancy De Vogelaere, Joke Renneboog en Elke Wambacq

Tot uw dienst – waarom de nieuwe overheid klantvriendelijk is (Lannoo Campus, 2014) is hier te bestellen

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.