Meer publiek met je website: 3 best practices

artistic-1238606_1920

Gebruiksvriendelijkheid en klantgerichtheid zijn essentieel voor een sterke website.
3 goede praktijken die je inspiratie geven om over na te denken.

Wees een gids voor je bezoekers

Bezoekers komen naar je websites omdat ze getriggerd worden, via social media, via Google, via een folder of andere weg. Bezoekers willen dan snel hun weg vinden.  En dan zal het niet over de homepage gaan, want die hebben ze niet gezien.

Ze komen dieper in je website binnen. En zodra ze meer aan het verkennen zijn, zoeken ze een pad. En daar kan je website een cruciale rol spelen. Gids je bezoekers verder door duidelijke keuzes. Niet door ze af te leiden met content, maar door duidelijke en gerichte keuzes.

Twee voorbeelden die dit illustreren:

screen-shot-12-15-16-at-05-22-pm

https://www.vegansociety.com/go-vegan

The Vegan Society heeft hier een heel sterke pagina. Duidelijke opdelingen, visueel sterk, krachtige copy en vooral een duidelijke gidsfunctie. Geen afleiding, maar to-the-point. Bezoekers zullen hen dankbaar zijn.

screen-shot-12-15-16-at-05-23-pm

https://stad.gent/natuur-milieu

Ook de Stad Gent heeft een vergelijkbare opbouw. Duidelijke onderverdeling, goede copy en duidelijke next steps.

Denk aan duidelijke call-to-actions

Als je je bezoekers een duidelijke vraag tot actie oftewel een call-to-action geeft, zullen ze sneller geneigd zijn die stap te nemen. Hoe doe je dit best? Door deze te plaatsen op een plaats die ze snel gaan tegenkomen als ze interesse hebben.

Bezoekers scannen een website volgens een F patroon. Rechts boven of links onder is de beste plaats voor een call-to-action in de meeste gevallen. Mijn absolute favoriet. Links onder de tekst. Waarom? Heel simpel, als je bezoeker zo ver is geraakt, hebben ze interesse en goesting. Geef ze dan een duidelijke call-to-action met een sterke focus en je hebt veel kans om je bezoekers te overtuigen voor een next step.

Maar vergeet het niet te testen met je doelpubliek. Zij beslissen of het een goede call is en of het de juiste plaats is.

Voorbeeld:

Plan België heeft goed nagedacht over de call-to-action. Een duidelijke primaire keuze voor “word plan ouder” met het leuke psychologische element voor slechts 0.83 € per dag.

screen-shot-12-15-16-at-05-53-pm

http://www.planbelgie.be/drinkwater-sanitair

En die call-to-action herhalen ze regelmatig. Bevestiging weet je wel. Als fall-back heb je nog de nieuwsbrief. Helder en duidelijk, maar minder prioritair. Twee call-to-actions met prioriteiten. Net goed. Focus werkt. Te veel calls is te veel.

Gebruik psychologische elementen

Klantgericht denken

Psychologie en een website? Dat is toch te gek voor woorden zou je denken, maar dat is het helemaal niet. Websites die converteren houden net rekening met de mensen waarvoor ze bestemd zijn. Die websites zijn klantgericht (en bij voorkeur ook de organisaties zelf). Klantgericht betekent nadenken over wat je bezoekers echt nodig hebben. Dat is een eerste belangrijk element.

Voorbeeld:

screen-shot-12-15-16-at-06-43-pm

https://www.antwerpen.be/nl/home

De Stad Antwerpen heeft hier duidelijke keuzes gemaakt. Op die homepage kan je vlot zoeken (Google, weet je wel) en duidelijke prioritaire zaken kiezen. Voor bezoekers belangrijke taken. Die vind je snel, vlot en duidelijk terug. Als dat geen hulp is voor je bezoeker.

Psychologie om meer te “verkopen”

Maar een tweede element bv. is een simpele prijstruc. Geef mensen drie keuzes en geef een favoriet aan. Veel mensen gaan vaak spontaan voor de middelste kiezen en bovendien zich minder schuldig voelen om de middelste gekozen te hebben.

Mits je goede copy hebt, je bedrag tastbaar maakt en een slimme prijsstrategie hanteert, kan je meer giften online ophalen. Net als Eva vzw. Zij maken hier slim gebruik van.
Screen Shot 12-15-16 at 06.45 PM.PNG

De minimale gift is 40 €, maar de middelste is 60 €. Die optie geven ze meer aandacht en maken ze tastbaar. 30 magazines. Nu denkt een bezoeker: dat bedrag valt toch wel mee als je dat vergelijkt met 100 €. En we gaan nu niet de goedkoopste uithangen en het kleinste bedrag kiezen. Dus geef mij maar die middelste optie. Jouw voordeel: 20 € per gift. En dat door een beetje psychologie. Niet slecht zou ik zeggen.

http://www.evavzw.be/doe-een-gift

Analyseer en test

Maar best practices werken niet altijd en overal. Je moet goed nadenken over je keuzes en duidelijk analyseren waar je bezoeker nood aan heeft. Je moet je organisatie op 1 lijn krijgen.

En vooral je moet testen met je doelpubliek. Zij gaan je waardevolle inspiratie bezorgen. Zo haal je niet alleen meer publiek, maar ook een betere conversie. Markeer wat je bezoekers echt belangrijk vinden en doe er iets mee!

De opleiding Meer publiek met onze website, met Patrick De Sutter als coach, start op 14 februari 2017. Op 12 januari is hij ook een van de sprekers op onze maandelijkse ontbijtsessie.

Deel dit bericht

Weg met de museumwebsite!

Eerst een bekentenis. Ik hou van musea, ik heb er zelfs nog gewerkt – maar ik bezoek nooit museumwebsites.

Dat is op zijn minst vreemd. Ik train en coach dagelijks musea en andere organisaties uit social profit om hun communicatie beter te maken. En dan kan een website natuurlijk van pas komen.

tate world goes popDaarnaast bezoek ik privé minstens één keer per maand een tentoonstelling. Maar ik denk niet dat ik daarbij dit jaar al één keer een museumwebsite heb bezocht.

Met Google naar Tate Modern

Google Maps TateMijn laatste tentoonstelling was Pop goes world, over popart, in Tate Modern in Londen. Ook de website van Tate heb ik niet bezocht, vooraf niet, achteraf niet.

Ik wist al uit de krant dat die tentoonstelling liep. Het enige wat ik in Londen nog nodig had was Google Maps, de app op mijn telefoon, om mij de weg van het station naar Tate te tonen.

En meteen kreeg ik er de openingsuren bij van Google Maps. Ik hoefde niet eens naar mijn horloge te kijken: het museum is nu geopend, las ik. Ik kreeg zelfs de optie om een Uber-auto te bestellen.

Appificatie van het internet

appsHet adres, de bereikbaarheid, de openingsuren waren misschien nog de beste reden om even te gaan kijken op de website van Tate. Maar een app heeft dat overbodig gemaakt. Apps nemen steeds meer het internet over. In plaats van grote, zware websites, gaan we steeds meer naar kleinere, handige apps.

Die appificatie van het internet zou wel eens ten koste kunnen gaan van de website. Over enkele jaren zoeken we misschien in de Appstore naar informatie over jouw museum zoals we nu op Google zoeken.

Applebaas Tim Cook voorspelde onlangs dat we binnen afzienbare tijd niet meer naar televisiezenders gaan kijken maar naar televisie-apps. Elk programma een eigen app. Als Apple of Google of Facebook de passie preekt, boer let op uw website.

Allemaal een app?

tablet in museumAllemaal een app dan? Nee, alstublieft niet. Tegenwoordig wil elk museum een app, zoals ze drie jaar geleden allemaal een Facebookpagina wilden.

Vaak vragen ze zich dan niet af of de museumbezoeker daar echt beter van wordt. Hoe vaak zie ik niet hoe museumbezoekers meer met de technologie aan het worstelen zijn dan met wat zich in het museum zelf afspeelt. En vaak neemt zo’n app een grote hap uit het zo al schaarse jaarbudget en is hij na een jaar al hopeloos verouderd.

Nadenken over de museumwebsite van de 21e eeuw begint bij de vraag of ons publiek vandaag onze website nog gebruikt. En of het dat over vijf jaar ook nog zal doen. Musea moeten op zijn minst al beginnen nadenken over hoe ze hun basisinformatie in veel gebruikte apps gaan integreren. Zoals je de dienstregeling van de NMBS en De Lijn nu al op Google Maps geïntegreerd is. Integratie is een van de sleutelwoorden in het internet van de toekomst.

Iedereen zijn eigen museumwebsite

Periscope British MuseumDé museumwebsite bestaat trouwens al lang niet meer. Hij is uit elkaar gespat. Iedereen maakt zijn eigen versie van jouw museumwebsite, via sociale media.

Iedereen maakt bijvoorbeeld zijn eigen tentoonstelling op Instagram – of beter: iedereen levert een bijdrage aan die collectieve online versie van jouw tentoonstelling op Instagram, gewoon door er de juiste hashtag aan toe te voegen.

Sommige musea spelen daar al op in door rondleidingen live uit te zenden. Via tweetups, waarbij de twitterende deelnemers aan de rondleiding vragen die van buiten komen, aan de gids stellen. Of zoals het British Museum, dat rondleidingen live streamt via Periscope. Online zullen steeds meer mensen je museum eerder op sociale media tegenkomen dan ze op je website belanden.

Weg met de museumwebsite

website als museumEn wat doen we met die website ondertussen? Weg ermee! Niet meteen natuurlijk want veel mensen ontdekken onze informatie natuurlijk nog altijd via Google. Als je site er nog behoorlijk uitziet en je overweegt in een nieuwe website te investeren, vraag je af of je dat geld niet beter spendeert aan een goede expert die je website nog beter vindbaar maakt in Google. De meeste mensen komen toch vooral voor die praktische informatie: openingsuren etc.

Als we dan toch meer willen, als we dan toch een website maken die een verlengstuk is van ons museum en onze collectie, maak dan geen kopie van je fysieke museum. Zet je hele collectie online, ook de stukken die je misschien nooit gaat tonen. Dát is de meerwaarde van zo’n onlinemuseum. Net zoals al die webshops veel meer producten kunnen aanbieden dan ooit in een fysieke winkel kan.

Slimme websites

CooblueMaar laat al die informatie niet zomaar los op de bezoeker. Die krijgt elke dag al zoveel informatie te slikken, zeker online. Met al onze websites bezorgen we de mensen alleen maar meer keuzestress. Als websites het al zullen overleven, zullen het vooral slimme websites zijn.

We vergeten dat de bezoeker vandaag al rot verwend wordt in al die webshops. De webshopconsument vindt dankzij handige filters meteen wat hij zoekt. Zo’n site weet bovendien wat hij bij zijn vorige bezoek allemaal gekocht heeft, of zelfs maar bekeken heeft.

Meer Rubens op de startpagina

Als we die rotverwende webshopconsument nog willen boeien met een nieuwe museumwebsite, dan die zal hem meteen moeten herkennen, dan zal die moeten weten dat hij opvallend vaak die pagina’s over Rubens heeft bekeken. Waardoor bijvoorbeeld zijn startpagina meer Rubens zal bevatten dan die van zijn buurman. Of de informatie over die Rubens-lezing in zijn nieuwsbrief helemaal bovenaan staat.

De webshopconsument ziet ook meteen wat de kopers van een bepaald product nog gekocht hebben. De museumwebsite van de toekomst zal mij daarom misschien ook moeten tonen welke werken mijn Facebookvrienden leuk vinden. Of welke werken anderen mooi vinden die net zoals ik dat ene Rubensschilderij aan hun favorieten hebben toegevoegd.

iBeacons

ibeacon museumEen bezoek aan de website van de toekomst zal naadloos overgaan in een fysiek bezoek. Zoals je nu al winkels hebt die via iBeacons zien dat jij diegene bent die daarnet op hun website is gaan kijken, zo zal die bezoeker aan je museumwebsite dat misschien ook verwachten als hij jouw museum binnenkomt.

Alleen, willen we dat wel in musea? Een museum is geen winkel. Museumwebsites moeten zeker slimmer worden. Het kan geen kwaad dat ik een gepersonaliseerde nieuwsbrief krijg op basis van mijn zoekgedrag op de museumwebsite. Maar iets zegt mij dat dit stopt aan de museumdeur.

Digitaal afkicken

museum rust focusTrendwatchers als Tom Palmaerts hebben er al op gewezen dat er grenzen zijn aan de digitalisering. Als gevolg van de doorgeschoten digitalisering wordt het analoge weer interessant. Je ziet nu ineens plaatsen waar we digitaal kunnen afkicken, waar we niet met de hele wereld geconnecteerd willen zijn, cafés waar zelfs geen wifi is.

Ik vraag mij steeds meer af of dat nu juist niet de core business van een museum is: de analoge ervaring van kunstwerken en erfgoed; een oase waar je op één object kunt focussen in een wereld van voortdurende digitale afleiding. Moeten musea die troef niet sterker uitspelen?

Yoga in het museum

yoga in museumEnkele Belgische musea organiseerden de voorbije maanden yogasessies, met succes. Dat lijkt een fait divers, een leukigheidje van creatieve publiekswerkers, maar volgens mij is het dat niet. Het is een nevenactiviteit, dat wel, maar het is geen toeval dat mensen juist een activiteit als yoga perfect vinden rijmen met een museum.

Wie weet wordt de ultieme museumwebsite niet gewoon een app die alle andere apps en zelfs je hele telefoon uitschakelt zodra we de iBeacons aan de museumingang passeren om een uur of twee digitaal te gaan afkicken.

Dit is de tekst bij de presentatie van Rudy Pieters op de Pecha Kucha over de museumwebsite van 21e eeuw van de Vlaamse Kunstcollectie op 10 december 2015 in het Museum voor Schone Kunsten in Gent.

Deel dit bericht

Twee nieuwe opleidingen: foto’s en webteksten

We doen er de komende lente nog twee opleidingen bij: Schrijven voor het web en Meer publiek met betere foto’s. Dat brengt het totaal deze lente op vier.

704507_be6199be8e_zIn Schrijven voor het web (Leuven) leer je een goede tekst schrijven voor je website, nieuwsbrief en sociale media. Inschrijven kan hier.

In Meer publiek met betere foto’s legt Luc Van de Steene, oud-fotoredacteur van De Morgen, uit hoe je de juiste foto kiest voor je communicatie. Ook auteursrecht, portretrecht en efficiënt archiveren komen aan bod. De locatie is perfect: het FotoMuseum in Antwerpen. Inschrijven kan hier.

Coaching inbegrepen

De twee andere opleidingen deze lente zijn Twitter voor beginners (Antwerpen) en Meer publiek met onze digitale nieuwsbrief (Gent).

Publiek Centraal besteedt bij zijn opleidingen bijzonder veel aandacht aan de nazorg. Vooraf screenen we de webteksten en foto’s van de deelnemers. In de weken tussen beide sessies blijven we alle deelnemers volgen en coachen.

Deel dit bericht

Genoeg goeroes, actie nu

We weten het nu wel. Dat we niet goed bezig zijn.

Ga tegenwoordig naar een studiedag of congres of seminar of hoe je het ook noemt en een bevlogen spreker komt je onder de neus wrijven dat de meeste organisaties de trein aan het missen zijn met hun communicatie. Twitter, Google+, mobiele websites en zo. De apps en conversation starters vliegen je om de oren.

9789401405591

Klopt natuurlijk allemaal. Een stilaan dramatisch grote groep is de trein aan het missen. Maar bij die diagnose houdt het vaak op. De meeste deelnemers worden na zo’n studiedag of congres de woestijn in gestuurd.

Het is dan zoeken met een vergrootglas naar gidsen – boeken, opleidingen, sprekers, wat dan ook – die aangeven wat er nu concreet moet veranderen. Hoe pas ik al die wijsheid toe wanneer ik morgen aan de Facebookpagina van mijn organisatie ga morrelen of over een nieuwe website moet nadenken? Hoe maak ik dat ik die andere band met het snel veranderende publiek ook met míjn publiek heb?

Gedegen bureaus en consultants genoeg om je dat goed uit te leggen, maar voor de meeste overheids- en non-profitorganisaties zijn die gewoon te duur.

Basis voor Publiek Centraal

Al die bevlogen sprekers – die tegenwoordig wel heel snel de status van goeroe krijgen – die moeten er zijn. Zij wijzen de weg. Zij zijn al een paar jaar verder. Maar de meeste organisaties willen vandaag op de eerste plaats weten hoe het morgen moet.

Het is vanuit deze vaststelling dat het idee voor Publiek Centraal ontstaan is (en de vele enthousiaste reacties sterken ons in de overtuiging dat we op het goede spoor zitten – excuus voor de makkelijke metafoor, we konden hem niet laten liggen).

Stap voor stap

Het is ook vanuit deze vaststelling dat we vrijdag een kleine vreugdekreet hebben geslaakt toen we het pas verschenen boek Een digitaal marketingplan in 100 dagen van Bert Van Wassenhove in handen kregen.

Geen bolwassing in dat boek, wel concrete tips over hoe het morgen moet. In zeer toegankelijke taal – het aantal Engelse woorden is tot een minimum beperkt – legt de auteur stap voor stap uit hoe je je digitale communicatie (het gaat meer over communicatie dan over marketing) de eenentwintigste eeuw binnen kunt loodsen.

Meteen aan de slag

Het is op de eerste plaats voor ondernemers en marketeers bedoeld maar ook de non-profitsector zal heel wat aan dit boek hebben. Een moeilijk thema als zoekmachineoptimalisatie bijvoorbeeld – hoe wordt mijn website door de juiste mensen gevonden – wordt zo eenvoudig uitgelegd dat de leek meteen aan de slag kan.

Nu nog studiedagen en congressen en seminars die de deelnemer op dezelfde manier de hand reiken – en geen stukken van mensen kosten – en we zijn er helemaal.

Zijn er gelijkaardige boeken die je vooruitgeholpen hebben met je organisatie?

Deel dit bericht